Geluidsabsorptie: wat doet een akoestische plaat echt?
In het kort
Geluidsabsorptie is het opnemen van geluid in plaats van het terugkaatsen. Een akoestische plaat maakt een ruimte daardoor minder galmend en rustiger. Hoeveel de plaat opneemt, verschilt per toon: houtwolcement doet het goed bij middelhoge en hoge tonen, en diepe tonen vragen om luchtruimte, wol of meer dikte. Lees dus de curve van de absorptiecoëfficiënt, niet alleen het ene getal. Alle cijfers in dit artikel zijn indicaties, geen garanties.
Je opent het datablad van een akoestische plaat en ziet een grafiek met een kronkelende lijn en een tabel met getallen tussen 0,08 en 1,08. Wat zeggen die getallen, en wat betekenen ze voor jouw werkplaats, sportschool of restaurant? Hier lees je het in gewone taal, met de cijfers uit het datablad van Dewin (Fibrolith Kustik) als voorbeeld.
Wat doet een akoestische plaat echt?
Geluid dat een harde wand of een hard plafond raakt, kaatst grotendeels terug. In een grote, kale ruimte gebeurt dat steeds opnieuw, en dat hoor je als galm: het geluid blijft hangen en gesprekken lopen door elkaar. Een open materiaal zoals houtwolcement laat een deel van dat geluid naar binnen. In de kleine holtes tussen de vezels loopt het zich dood en verandert het in een fractie warmte. Wat niet terugkaatst, hoor je niet meer als galm.
- Wat het wel doet: de nagalm korter maken en het geluidsniveau in de ruimte verlagen, vooral op een afstand van de bron.
- Wat het beperkt doet: geluid dicht bij de bron. Sta je naast een machine, dan hoor je vooral het directe geluid, en dat blijft bijna gelijk.
- Wat het niet doet: geluid tegenhouden dat door een muur of vloer gaat. Daarvoor heb je massa en ontkoppeling nodig, zie Akoestiek of geluidsisolatie: wat is het verschil?
Welke tonen hoor je? Geluid in hertz
Geluid bestaat uit tonen met een bepaalde frequentie, uitgedrukt in hertz (Hz). Een lage frequentie is een diepe toon, zoals gebrom of een bas. Een hoge frequentie is een heldere of scherpe toon, zoals een s of een piepje. Voor gewone ruimteakoestiek kijken we naar zes octaafbanden: 125, 250, 500, 1000, 2000 en 4000 Hz. Elke band is een stap van een octaaf, dus steeds een verdubbeling van de frequentie.
| Frequentie | Wat hoor je? | Voorbeelden |
|---|---|---|
| Tot ongeveer 250 Hz | Diepe tonen | Machinegebrom, compressor, bas van muziek, verkeer op afstand, lage mannenstem |
| 250 tot 2000 Hz | Middentonen, de klinkers van spraak | Gesprekken, de kern van spraakverstaan, veel muziek |
| 2000 tot 4000 Hz en hoger | Hoge tonen | De medeklinkers s, t en f, rinkelend servies, schelle geluiden, piepjes |
Spraak beslaat grofweg het hele gebied van 125 tot 8000 Hz. Klinkers geven een stem zijn kracht, de medeklinkers geven verstaanbaarheid. Hoor je mensen wel maar versta je ze niet, dan zit het probleem vaak in de galm rond de middentonen en hoge tonen.

Er is nog een reden om naar de frequenties te kijken. Ons oor is minder gevoelig voor diepe tonen. Een geluidsmeter die in dB(A) meet, houdt daar rekening mee en telt diepe tonen minder mee. Gebrom kan dus hinderlijk zijn terwijl de meter weinig laat zien.
Welk aspect is voor jou belangrijk?
| Jouw probleem | Waar zit het geluid? | Waar kijk je naar in het datablad? |
|---|---|---|
| Gesprekken lopen door elkaar, je verstaat elkaar slecht (klaslokaal, restaurant, kantoor) | 250 tot 4000 Hz | De α-waarden vanaf 500 Hz en de klasse (αw) |
| Machinegebrom, compressor, bas van muziek | 63 tot 250 Hz | De α bij 125 en 250 Hz. Houtwolcement alleen is hier zwak; luchtruimte, wol en dikte helpen |
| Schelle, harde geluiden: klappen, hamers, gillende kinderen, rinkelend glas | 1000 tot 4000 Hz | De α bij 1000 tot 4000 Hz. Houtwolcement is hier sterk |
| Een galmende, grote ruimte: sporthal, hal, parkeergarage | Alle tonen | Het hele verloop van de curve, en de nagalmtijd die je wilt halen |
De getallen in het datablad lezen
De absorptiecoëfficiënt α geeft per frequentie aan welk aandeel van het geluid een materiaal opneemt. Het loopt van 0 tot 1.
- α = 0: al het geluid kaatst terug, zoals bij een spiegelgladde betonwand.
- α = 0,5: de helft wordt opgenomen, de andere helft kaatst terug.
- α = 1: al het geluid wordt opgenomen. Een open raam komt hier in de buurt.

Waarom staat er soms 1,08? Bij de meting in een galmkamer kan de uitkomst boven 1 uitkomen. Dat is een meeteffect, niet meer dan alles. Lees zo’n waarde als ongeveer 1.
Naast de waarden per frequentie staat er vaak één getal: de gewogen absorptiecoëfficiënt αw, met een klasse van A tot en met E (norm EN ISO 11654). Het is het gemiddelde beeld over 250 tot 4000 Hz:
| Klasse | αw | Wat betekent dat ongeveer? |
|---|---|---|
| A | 0,90 tot 1,00 | Zeer sterk absorberend |
| B | 0,80 tot 0,85 | Sterk absorberend |
| C | 0,60 tot 0,75 | Duidelijk absorberend |
| D | 0,30 tot 0,55 | Matig absorberend |
| E | 0,15 tot 0,25 | Weinig absorberend |
| Geen klasse | 0,10 of lager | Vrijwel reflecterend, zoals kaal beton |
Let op
Eén getal verbergt de vorm van de curve. Twee platen met dezelfde αw kunnen heel anders klinken: de ene pakt vooral hoge tonen, de andere juist de diepe. Kijk daarom altijd naar de waarden per frequentie, en vergelijk ze met de tonen die jouw probleem veroorzaken. Een datablad is bovendien een labmeting. In jouw ruimte hangt de uitkomst af van de montage, de afwerking, de vorm van de ruimte en wat er verder in staat.
Wat zegt het Dewin-datablad over houtwolcement?
Dewin geeft in het datablad van de Fibrolith Kustik-plaat de absorptiecoëfficiënt voor negen opbouwen: drie diktes (25, 35 en 50 mm), elk direct op de ondergrond, met luchtruimte, en met luchtruimte en minerale wol. Hieronder staan die waarden. De laatste kolom is onze eigen indicatieve berekening van de αw en de klasse uit die waarden. Dewin noemt die zelf niet in het datablad.
| Opbouw (dikte plaat) | 125 Hz | 250 Hz | 500 Hz | 1000 Hz | 2000 Hz | 4000 Hz | αw en klasse, indicatief |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Direct op de ondergrond, 25 mm | 0,08 | 0,11 | 0,18 | 0,50 | 0,80 | 0,72 | ca. 0,30, D |
| Direct op de ondergrond, 35 mm | 0,13 | 0,15 | 0,25 | 0,65 | 0,74 | 0,90 | ca. 0,35, D |
| Direct op de ondergrond, 50 mm | 0,17 | 0,22 | 0,42 | 0,78 | 0,65 | 0,95 | ca. 0,45, D |
| Luchtruimte > 24 mm, 25 mm | 0,12 | 0,11 | 0,48 | 0,72 | 0,51 | 0,82 | ca. 0,40, D |
| Luchtruimte > 35 mm, 35 mm | 0,10 | 0,25 | 0,67 | 0,55 | 0,56 | 0,86 | ca. 0,55, D |
| Luchtruimte > 50 mm, 50 mm | 0,13 | 0,39 | 0,82 | 0,53 | 0,89 | 0,90 | ca. 0,60, C |
| Luchtruimte en minerale wol > 40 mm, 25 mm | 0,25 | 0,67 | 1,08 | 0,86 | 0,81 | 1,04 | ca. 0,85, B |
| Luchtruimte en minerale wol > 50 mm, 35 mm | 0,40 | 0,78 | 0,98 | 0,93 | 0,84 | 1,00 | ca. 0,95, A |
| Luchtruimte en minerale wol > 50 mm, 50 mm | 0,45 | 0,89 | 1,02 | 0,86 | 1,01 | 1,00 | ca. 0,95, A |
Wat zie je in deze tabel?
- Direct op de ondergrond neemt de plaat vooral hoge tonen op. Bij 25 mm is α bij 2000 Hz 0,80, maar bij 125 tot 500 Hz maar 0,08 tot 0,18.
- Met luchtruimte schuift de absorptie naar lagere tonen. Bij 500 Hz stijgt α van 0,18 naar 0,48. De curve gaat wel op en neer: bij 2000 Hz zakt hij weer tot 0,51. Dat komt door de spouw en is normaal.
- Met luchtruimte en minerale wol gaat vrijwel de hele curve omhoog. Bij 250 Hz komt α op 0,67 (25 mm) tot 0,89 (50 mm), en vanaf 500 Hz zit hij tussen 0,81 en 1,08. Zo haal je ook de diepere tonen erbij.
- Dikker is niet altijd beter. Een dikkere plaat neemt wel meer diepe tonen op, maar bij 2000 Hz scoort de 25 mm plaat direct op de ondergrond (0,80) juist beter dan de 50 mm plaat (0,65).
Wij leveren de Fibrolith-platen in 25 mm en in 15 mm, met fijne of superfijne vezel. Voor de 15 mm plaat staan geen waarden in het datablad, dus die noemen we niet. Een dunnere plaat neemt in het algemeen minder diepe tonen op. De 35 en 50 mm uit het datablad staan niet standaard in onze webshop; vraag ons naar de mogelijkheden als je ze zoekt.
Bij onze HWC combiplaat met steenwol zit de wol verlijmd achter de plaat in plaats van los in de spouw. Voor die combinatie noemen we geen αw; vraag ons naar een meetwaarde als je een eis hebt. In HWC combiplaat met EPS lees je waarom schuim achter het houtwolcement bijna niets toevoegt aan de absorptie.
Wat betekent dit voor jouw keuze?
- Vooral spraak en galm in een gewone ruimte (kantoor, klaslokaal, restaurant): houtwolcement op regelwerk met een luchtruimte is al een forse stap. Wol in de spouw doet er nog een flinke schep bovenop.
- Diepe tonen, zoals machinegebrom of bas: kies een opbouw met een diepe spouw en minerale wol. Verwacht niet dat alles verdwijnt. Pak lawaai waar mogelijk ook bij de bron aan.
- Isoleren en akoestiek in één keer: een combiplaat. Wil je vooral geluid opnemen, kies dan de variant met steenwol. Bij EPS en PIR komt de absorptie nagenoeg alleen uit het houtwolcement.
- Een grote, galmende ruimte: reken eerst wat je nodig hebt. Dat doen we hieronder en in het artikel met voorbeelden.
Hoeveel demping mag je verwachten?
Wat je hoort, hangt niet van de plaat alleen af, maar van de totale absorptie in de ruimte, afgezet tegen het volume. Twee vuistregels:
- Verdubbel je de totale absorptie in een galmende ruimte, dan halveert de nagalmtijd en daalt het geluidsniveau op afstand van de bron met ongeveer 3 dB.
- Een daling van 10 dB klinkt voor de meeste mensen ongeveer als een halvering van het volume. Dat haal je met een akoestisch plafond niet zomaar. In een kale hal zijn enkele dB tot ongeveer 10 dB haalbaar, afhankelijk van hoeveel oppervlak je bekleedt en hoe kaal de ruimte nu is.
De nagalmtijd zelf reken je uit met de formule van Sabine. Hoe dat werkt, en wat dit betekent voor een werkplaats, sportschool, gymzaal, restaurant en klaslokaal, met concrete maten en cijfers, lees je in Galm verminderen: voorbeelden per ruimte met cijfers.
Voor de vakman: methoden en bronnen
- Meting: absorptiecoëfficiënten worden gewoonlijk in een galmkamer gemeten volgens EN ISO 354. De gewogen waarde αw en de klassen volgen uit EN ISO 11654, op basis van de octaafbanden 250 tot 4000 Hz.
- Vormindicatoren: bij een αw staat soms L, M of H. Die geven aan dat de absorptie in de lage (250 Hz), midden (500 en 1000 Hz) of hoge (2000 en 4000 Hz) band merkbaar boven de referentiecurve uitkomt.
- Nagalmtijd (Sabine): T = 0,161 × V ÷ A, met V het volume in m³ en A de equivalente absorptieoppervlakte in m² (som van oppervlak × α, plus meubels en mensen).
- Niveaudaling in het galmveld: ΔL = 10 × log(A₂ ÷ A₁). Een verdubbeling van A geeft 3 dB.
- Bron van de waarden: datablad Dewin Fibrolith Kustik, absorptiecoëfficiënt per octaafband voor 25, 35 en 50 mm. De αw en klasse in de tabel zijn eigen indicatieve berekeningen volgens de methode van EN ISO 11654, geen gecertificeerde waarden.
Veelgestelde vragen
Wat is een goede absorptiecoëfficiënt?
Dat hangt af van de toon waar jouw probleem zit. Een α boven 0,8 in die band is sterk absorberend. Als klasse is A of B sterk absorberend en D matig. Kijk altijd naar de curve, niet alleen naar het ene getal.
Waarom staat er een waarde boven 1 in de tabel?
Dat is een meeteffect van de labmeting. Het materiaal neemt niet meer dan alles op. Lees zo’n waarde als ongeveer 1.
Helpt houtwolcement tegen diepe tonen, zoals gebrom?
Beperkt, als de plaat direct op de ondergrond zit. Met een luchtruimte en minerale wol erachter wordt het beter: bij 250 Hz komt α in het Dewin-datablad dan op 0,67 tot 0,89. Helemaal weg gaat gebrom niet. Pak het ook bij de bron aan, bijvoorbeeld met trillingsdempers onder de machine.
Is een dikkere plaat altijd beter?
Nee. Een dikkere plaat neemt meer diepe tonen op, maar bij de hoge tonen scoort een dunnere plaat soms net zo goed of beter. Kijk naar de tonen die jouw probleem veroorzaken.
Moet ik het hele plafond bekleden?
Niet altijd. Hoeveel je nodig hebt, hangt af van het volume, de ruimte nu en de nagalmtijd die je wilt. In de voorbeelden in het vervolgartikel is dat 45 procent tot ruim driekwart van het plafond, en in een gymzaal komt er wandabsorptie bij. Stuur ons de maten en we rekenen met je mee.
Kunnen jullie een bepaalde αw garanderen?
Nee. We geven indicaties. De waarden in het datablad zijn labmetingen. In jouw ruimte bepalen montage, vorm en inboedel het resultaat. Heb je een eis, bijvoorbeeld in een bestek, laat dan een akoestisch adviseur de opbouw beoordelen of de ruimte meten.
Is een akoestische plaat ook geluidsisolatie?
Nee. Absorptie haalt galm uit de ruimte. Geluidsisolatie houdt geluid tegen dat door een muur of vloer gaat. Dat zijn twee verschillende maatregelen. Het verschil lees je in het artikel over akoestiek en geluidsisolatie.
Passende producten
-
Fibrolith Houtwolcementplaat – dikte 15MM – F fijne vezelstructuur – afm. 1200x600mm incl. facet – Kleur: Wit
18,45 incl. BTW - Dit product heeft meerdere variaties. Deze optie kan gekozen worden op de productpagina
Dewin akoestische combiplaat 15mm houtwolcement + steenwol isolatie 1200x600mm (0,72m2)
43,55 incl. BTW 60,95 incl. BTWPrijsklasse: 43,55 incl. BTW tot 60,95 incl. BTW - Dit product heeft meerdere variaties. Deze optie kan gekozen worden op de productpagina
Dewin akoestische combiplaat 15mm houtwolcement + EPS-Plus isolatie 1200x600mm (0,72m2)
34,40 incl. BTW 50,23 incl. BTWPrijsklasse: 34,40 incl. BTW tot 50,23 incl. BTW
Verder lezen
- Galm verminderen: voorbeelden per ruimte met cijfers
- Akoestiek of geluidsisolatie: wat is het verschil?
- Verbeter je werkplaats akoestiek met houtwolcementplaten in het plafond
- HWC combiplaat met steenwol
- HWC combiplaat met EPS
- Steenwol: brandveilig isoleren en geluid dempen
- Houtwolcementplaten: duurzaam, veelzijdig en brandveilig
- Fibrolith houtwolcementplaten en HWC combiplaten in de webshop
Laatst gecontroleerd: 30 september 2026
Weet je niet welke tonen bij jou het probleem zijn? Stuur ons een foto, de maten en een korte omschrijving van het geluid. Dan denken we met je mee. Neem contact op of bel 085 002 0186.
Onderwerpen